Dominique Baeyens staat aan de vooravond van zijn vijftiende seizoen bij Knack Roeselare
"Zelden zo uitgekeken naar nieuw seizoen"

Dominique Baeyens en Knack Roeselare, het lijkt een eeuwigdurend huwelijk. Baeyens, 55 intussen, is bezig aan zijn vijftiende en misschien wel laatste seizoen als coach van het volleybalteam. Met een nieuwe groep, maar met dezelfde ambitie als alle voorgaande seizoenen. "Het doet er nu niet toe of dit mijn laatste seizoen wordt, veel belangrijker is dat we opnieuw prijzen pakken."
Knack Roeselare heeft een bewogen zomer achter de rug. De kater van de gemiste finale is doorgespoeld, het afscheid van monumenten en publiekslievelingen als Frank Depestele, Iván Contreras, Kristof Hoho en Matthijs Verhanneman is verteerd. De sportieve cel bouwde aan een nieuw team met bekende gezichten Hendrik Tuerlinckx, Wouter Verhelst, Manu Callebert, Sam Deroo, Stijn D'Hulst en - terug van weggeweest - Nico Freriks, Sergiu Stancu en Marcus Eloe. De coach moet voor de vijftiende keer proberen van twaalf spelers een kampioenenploeg te maken. Te beginnen dit weekend op een prestigieus tornooi in Polen.
De toppers zijn vertrokken, maar volgens de meeste kenners is de ploeg vooral in de breedte sterker geworden. Akkoord ?
Dominique Baeyens : "Ja en neen. Er zijn inderdaad grote namen vertrokken, maar vorig seizoen hadden we ook een brede en sterke kern. Het klopt wél dat we nu nog meer mikken op de homogeniteit van de ploeg. Ons team is nu beter uitgebalanceerd. We hebben heel oordeelkundig ingekocht en ik ben ervan overtuigd dat we ook qua individueel talent even goed scoren als vorig seizoen."
Maar je kan toch niet ontkennen dat er dragende spelers vertrokken zijn. En die vervang je niet zomaar.
Baeyens : "Neen, maar de realiteit is wat ze is. Hendrik Tuerlinckx had halverwege vorig seizoen zijn voet al naast die van Iván Contreras gezet en Nico Freriks heeft in Spanje een dijk van een seizoen gespeeld. Op papier ogen de nieuwkomers misschien minder dan hun voorgangers, maar ik weet dat ze écht niet moeten onderdoen."
Er kwam ook kritiek op het feit dat Knack de koers om jonger en Belgischer te worden al na een seizoen verlaat. Onterecht zo blijkt, want de kern van dit seizoen is jonger dan die van de vorige campagne. Maar de kern telt wel mínder Belgen.
Baeyens : "We hebben gekozen voor zoveel mogelijk Belgische spelers, maar je moet dat voornemen ook kúnnen volhouden. Als Frank Depestele vertrekt, moet je eerlijk zijn : in eigen land hebben we niemand van hetzelfde kaliber. We hébben met Stijn D'Hulst al de beste jonge spelverdeler van het land. Dan moet je naar de buitenlandse markt om Frank te vervangen."
"Het klopt dat we minder Belgisch zijn, maar dit Knack is nu wel jonger. Het is niet omdat we ervaren spelers terughalen, dat we jonge Belgen geen kansen meer geven. Stijn zal nu méér spelen, de komst van Ruben Van Hirtum bewijst dat we geloven in het talent van landgenoten. Ruben heeft alles om een grote speler te worden. Wij creëren de omstandigheden, nu is het aan hem om de volgende stap te zetten. Er is ook even sprake geweest om Simon Van de Voorde bij Maaseik weg te halen. Hij past in ons profiel, maar een telefoontje naar Vital (Heynen, red.) leerde dat Simon er nog een contract had. Tja, dan is hij geen optie, hé."
"Een speler als Sergiu Stancu kan Knack normaal niet terughalen. Maar Sergiu wou na jaren financiële problemen terug naar een stabiele club waar hij alleen aan volleybal moest denken. Wij wilden hem die kans geven, op voorwaarde dat hij water bij de wijn zou doen... Zo iemand mag je niet weigeren. Kwaliteit primeert op nationaliteit."
"Een ex-speler terughalen is ook makkelijk : je weet wat iemand kan als volleyballer, maar je kent ook de mens achter de sporter. Je weet wie je terughaalt en of hij de groep ook naast het veld iets kan bijbrengen. Dat leer je niet op video's of cv's van onbekende buitenlanders. Als je mij laat kiezen tussen een Nico Freriks die opnieuw op topniveau speelt of een onbekende Braziliaan, dan weet ik het wel."
Iedereen verwacht veel van de Argentijnse Sloveen Cristian Poglajen. Wordt hij de smaakmaker van het vernieuwde Knack ?
Baeyens : "Dat is misschien een beetje overdreven, maar we hópen het wel. Cristian is ons aangeboden en we waren verbaasd door wat we allemaal te zien en te horen kregen. Hij ís een topper in wording, maar we moeten geduld hebben. Cristian is nog jong én we mogen niet te veel van hem verwachten. Hij is voorlopig ook de enige die nog niet meetraint."
De kern is jonger dan vorig seizoen, maar vooral op de cruciale receptie-hoekpositie zijn jullie fel verjongd. Een risico ?
Baeyens : "Het was inderdaad misschien makkelijker geweest om meer ervaren spelers aan te trekken. Sam Deroo heeft een prachtseizoen gespeeld en moet nu bevestigen, Ruben Van Hirtum is jong en veelbelovend, net als Poglajen. Ik was bereid om het risico te nemen en niemand van de sportieve cel vond het een probleem, dus waarom niet ?"
"Als vierde receptie-hoek hebben we bewust voor iemand gekozen met veel ervaring. Marcus Eloe is met 35 de oudste van de ploeg en hij moet de jongeren mee helpen sturen. Bovendien kan hij ook als tweede libero aan de slag. We hebben voor die positie ook even aan Danilo (Santos, die twee seizoenen terug voor Knack speelde, red.) gedacht, maar de leiderschapskwaliteiten van Marcus hebben uiteindelijk de doorslag gegeven. Topsport is méér dan zomaar twaalf goede spelers samenbrengen. Ook mentaal moet het kloppen."
Nu we de kern toch overlopen : als tweede opposite haalden jullie Cristian Imhoff, ook al een Argentijn. Het kwam pas vrij laat tot een akkoord omdat jullie eerst op andere paarden gewed hebben. Is hij tweede of derde keus ?
Baeyens : "Cristian is laat in beeld gekomen, maar daarom zeker niet minderwaardig. Dami Bakare van Puurs was onze eerste keuze. Zijn manager beweerde dat hij einde contract was, maar dat bleek niet zo te zijn. We hadden geen zin in een juridische strijd, dus moesten we op zoek naar iemand anders."
"We hebben daarna lang onderhandeld met Troy Murphy uit de NCAA-competitie. Een jonge Amerikaan die hier rustig kon doorgroeien. Alles leek in kannen en kruiken tot zijn manager plots met een aanbieding uit Italië zwaaide. Dan wist ik meteen hoe laat het was..."
"Uiteindelijk moesten we helemaal opnieuw beginnen en kwam Cristian Imhoff plots in beeld. Het is dus niet zo dat hij onze derde keus is, we hebben hem gewoon laat ontdekt. We zijn hem meteen gaan scouten en hij kon ons meer dan bekoren. Net als voor zijn land- en naamgenoot Poglajen hebben we de hulp ingeroepen van Marcus. Met zijn ervaring, terreinkennis en contacten in Argentinië konden we ons perfect informeren. Vanaf dat moment wisten we dat we een goede speler te pakken hadden. Wat Cristian tijdens zijn eerste weken liet zien, doet het allerbeste verhopen."
De meest verrassende nieuwe naam is misschien wel die van Joppe Paulides.
Baeyens : "Voor de buitenwereld wel, maar hij was al in beeld van bij de start van het seizoen. (lacht) We hebben tijdens de vorige campagne vaak tegen Averbode gespeeld. Tijdens de wedstrijdvoorbereiding viel telkens op hoe groot de impact van Joppe was. Ik was meteen gecharmeerd. Joppe was nooit eerder in beeld gekomen, maar heeft zich na enkele seizoenen beachvolleybal opnieuw in de kijker gespeeld bij Averbode. Ook voor hem is Roeselare een logische nieuwe stap."
Bij de blijvers is het uitkijken of Sam Deroo kan bevestigen en wat de anciens Wouter Verhelst en Manu Callebert het team nog kunnen bijbrengen. Hendrik Tuerlinckx moet dan weer groeien in de regelmaat. Correct ?
Baeyens : "Helemaal. We zijn ontzettend blij dat we Hendrik hebben kunnen houden. Er waren heel wat kapers op de kust, maar hij heeft samen met zijn vader de juiste keuze gemaakt. Als Hendrik nog wat meer regelmaat in zijn spel kan brengen, wacht hem een heel mooie volleybaltoekomst."
"Voor Sam moet dit het seizoen van de bevestiging worden. Hij heeft veel vroeger dan verwacht zijn stempel op het team gedrukt. Dat Sam in de loop van het seizoen uitgedoofd is, kunnen we hem niet kwalijk nemen. Nu komt het er op aan om te groeien en - net zoals bij het nationale juniorenteam - een leider te worden. Sam is jong, maar kan die rol zeker aan. Hij moet er dit seizoen, net als Hendrik, iedere wedstrijd staan."
"Manu kreeg net als Wouter nog een contract voor twee seizoenen. Dat is uitzonderlijk voor spelers van die leeftijd, maar Manu kan nog jaren meedraaien als libero en Wouter is heel belangrijk voor de ploeg. Hij werkt hard, heeft de juiste mentaliteit en zijn volleybalverstand is onovertroffen."
Er moeten heel wat nieuwe spelers ingepast worden, maar ook het seizoen wordt anders. Jullie spelen voor het eerst in tien jaar géén Champions League, maar wel CEV Cup. In die tweede Europese bekercompetitie kan iedere wedstrijd de laatste zijn. Een nadeel ?
Baeyens : "Voor de spelersgroep niet, maar ik begrijp dat het commercieel wel een handicap is. Al moeten we ook niet hypocriet doen : als club zullen we de uitstraling van de Champions League missen. Toch heeft het ons in de contractbesprekingen geen parten gespeeld : spelers hebben niet geweigerd omdat we maar CEV Cup spelen."
"Vergis je trouwens niet : in de CEV Cup zitten vaak mooiere tegenstanders dan in de Champions League. Ploegen als Kragujevac of Belgrado spelen wel Champions League, maar echt toppers zijn dat niet. In de Challenge Round van de CEV Cup heb je wel die grote namen. De ambitie is dan ook duidelijk : we moeten die Challenge Round halen. Daarna kan alles, want de afvallers van de Champions League komen er dan bij."
Dat klinkt ambitieus. Het lijkt wel alsof je geen rekening houdt met verliezen ?
Baeyens : "Verliezen kan altijd, maar in principe moeten we zonder problemen de Challenge Round halen. We mogen ook niet klagen over de loting. Het enige waar ik voor vrees, is de Golden Set. (Als elke ploeg één wedstrijd wint, volgt na de terugmatch een zogenaamde Golden Set, ongeacht het aantal gewonnen sets in de beide wedstrijden. Wie die Golden Set - die tot 15 punten gespeeld wordt - wint, kwalificeert zich voor de volgende ronde, red.) We moeten zowel thuis als uit winnen, anders kan een Golden Set ons fataal worden. Zonder die absurde regel durf ik nu al te zeggen dat we de Challenge Round spelen. Nu moeten we iedere match op onze hoede zijn."
Tot slot, dit is jouw vijftiende seizoen als coach van Knack Roeselare. Wordt het ook het laatste ?
Baeyens : "Ik had die vraag verwacht, maar ik ga er nog niet op antwoorden. Meer nog : ik wil er niet over praten, want op zo'n vraag kan je geen goed antwoord geven. Als ik zeg dat ik niet blijf, dan zet ik de deur op een kier voor allerhande onnodige speculaties die de focus van het volleybal wegtrekken. En ik kan evenmin zeggen dat ik zeker blijf, want mijn contract loopt sowieso af op het einde van dit seizoen."
"Het doet er nu niet toe of dit mijn laatste seizoen wordt, veel belangrijker is dat we prijzen pakken. Ik heb er natuurlijk wel al over nagedacht, maar ik stel alleen vast dat ik enorm naar dit seizoen uitkijk. Ik heb zelden zoveel zin gehad in de eerste training als dit jaar. Er wacht ons een enorme uitdaging. We moeten een nieuwe ploeg kneden en dat was zelden een grotere uitdaging. Echte toppers vechten altijd terug. Ik beschouw mezelf én deze club als een topper. We kunnen dan ook niet wachten om resultaten neer te zetten."
(Bron: Matthias Vanderaspoilden - Krant Van West-Vlaanderen editie Roeselare - 16/09/2011)