Oud-speler van Roeselare en Menen Stefaan Vandecappelle is sinds dit seizoen hoofdkinesist van Knack Roeselare

Terug naar de sport en de club van zijn hart...

"KSV was leuk, maar Knack is toch nog een stap hoger" (Foto Ronny Neirinck)

Knack Roeselare is deze zomer een nieuwe weg ingeslagen : na achttien jaar met Marc Walravens als hoofdkinesist worden de volleyballers voortaan gekneed en opgelapt door Beitemnaar Stefaan Vandecappelle. "Ik wist al op jonge leeftijd wat ik later wilde worden : kinesist, net zoals mijn vader", zegt hij. "Het leek me een enorm boeiend leven." Leuk detail : Stefaan speelde meer dan tien jaar als spelverdeler bij Knack én ook enkele maanden voor Menen.

Na veertien jaar bij de buren van KSV Roeselare is Stefaan Vandecappelle (37) verhuisd van het Schierveldestadion naar Evenementenhal Schiervelde. Bij Knack Roeselare volgt de Beitemnaar Marc Walravens op als hoofdkinesist, nadat Wally te kennen gaf na achttien jaar trouwe dienst liever een stapje terug te zetten. Een uitgelezen kans voor Stefaan Vandecappelle om terug te keren naar de sport én de club van zijn hart.

"Begrijp me niet verkeerd : ik heb me gejeund in het voetbal, maar ik heb altijd gedroomd van diezelfde job in het volleybal. Het is gewoon meer mijn ding. Toen sportief manager Stefaan Coussée en Dominique Baeyens mij polsten of ik een overstap zag zitten, heb ik geen moment getwijfeld. Ook al was ik op dat moment al bezig met de voorbereiding op het nieuwe voetbalseizoen..."

"Ik heb het gevoel dat ik thuiskom. Terug naar Knack is voor mij een beetje back to the roots. Van mijn zevende tot mijn twintigste heb ik altijd volleybal gespeeld. Ik trainde in de Hallen, later in Sint-Idesbald, nog later in 't Strohof... Schiervelde is een nieuwe logische stap."

Stefaan Vandecappelle treedt zo in de voetsporen van zijn vader José, die hem voorging bij KSV én Knack. José was tussen 1984 en 1991 immers hoofdkinesist van de Roeselaarse volleyclub. "Ik wist al op jonge leeftijd wat ik later wilde worden : kinesist, net zoals mijn vader. Het leek me een enorm boeiend leven."

Toen zijn vader eind de jaren negentig aangesproken werd om opnieuw kine te worden van toenmalig derdeklasser SV Roeselare, was er twijfel. José zei uiteindelijk ja, maar vroeg zijn pas afgestudeerde zoon Stefaan om hem te assisteren. "Na drie jaar heeft mijn pa er de brui aangegeven. Het weekendwerk begon na al die jaren te wegen... Ik stond er plots alleen voor, maar het was het leven waar ik van droomde."

Stefaan Vandecappelle in zijn kineruimte in Schiervelde. "Ik heb het gevoel dat ik thuiskom. Terug naar Knack is voor mij een beetje back to the roots." (Foto Ronny Neirinck)

Gouden jaren

Bij SV Roeselare maakte Stefaan de gouden jaren mee ("een bomvol Jan Breydel- of Vanden Stockstadion meemaken vanuit de dug-out doet wel iets"), maar ook de terugval naar tweede. "Je zal me nooit horen zeggen dat KSV Roeselare amateuristisch werkte, maar Knack is toch nog een stap hoger. Van voetbal in tweede klasse naar de Europese subtop... De club straalt in alle geledingen professionalisme uit. De dagelijkse fitnesstraining bijvoorbeeld : in het voetbal is dat vooral tijdverdrijf, terwijl er bij Knack héél doelgericht gewerkt wordt. Een verademing !"

Zijn taak bij Knack Roeselare combineert Stefaan met een eigen praktijk. "De afspraak is dat ik zowel in de voor- als de namiddag aanwezig ben tegen het einde van de training. Het is een kwestie van flexibel te zijn, maar dat ben ik al jaren zo gewoon. Het enige verschil is dat volleyballers groter zijn en vaak andere blessures hebben dan voetballers. (lacht) De focus lag vroeger meer op enkel- en knieproblemen, terwijl het nu vooral over schouderblessures gaat."

Net als vorig seizoen krijgt de hoofdkinesist een assistent naast zich. Behalve Marc Walravens verdween ook Ben Govarts uit het medische organogram. Zijn plaats werd ingenomen door Samuel Vandekerckhove, vorig seizoen al derde kine. "Het is een goede zaak dat we met twee zijn. Zo kunnen we korter op de bal spelen en is er altijd een back-up. Bovendien weet je met twee altijd meer dan alleen."

De nieuwe kinesist vindt het een eer om Wally te kunnen opvolgen. "Op vlak van schouderpathologie kent Marc zijn gelijke niet. Hij is top in België en ver daarbuiten. Ik herinner me dat ik voor mijn thesis nog bij hem gepasseerd ben én ik vroeger cursussen bij hem heb gevolgd. Dat leidt niet tot extra druk, maar de realiteit is wat ze is. Gelukkig is Marc niet helemaal verdwenen. Een telefoontje en hij zal meteen staan popelen om zijn advies te geven."

Oude bekenden

Stefaan Vandecappelle speelde tot 1994 bij Knack, daarna volgden Gits en Rollegem-Kapelle. In het seizoen van de vereffening werd Kris Tanghe eerste spelverdeler en de 19-jarige Vandecappelle combineerde Knack 2 en de eerste ploeg. Coach Marc Spaenjers stelde Stefaan nooit op, maar hij trainde wel een heel seizoen mee.

"Een unieke ervaring, ook al was ik niet het grote talent als Kris Tanghe. Er is zeker geen topper aan mij verloren gegaan. Ik was enthousiast en deed het graag, maar als je beseft dat je net tekort komt voor de top, moet je niet blijven proberen..."

Veel Knackvolleyballers kende Stefaan Vandecappelle aanvankelijk niet, maar met eentje had hij toch een speciale band. "Ik heb ooit nog samengespeeld met Manu Callebert", herinnert hij zich. "Ik volleybalde met zijn broer Frederik. Toen we bij Knack 2 speelden, was Manu het kleine broertje dat af en toe kwam meetrainen, intussen is hij een boegbeeld geworden."

Ook gezichten uit de Knackentourage zijn niet helemaal nieuw voor Stefaan. "Patrick Callens was ploegbegeleider van Knack 2 toen ik er speelde en ik herinner me nog hoe Dominique Baeyens - toen nog met lange baard - vaak bij mijn vader op de behandelingstafel lag. En bij Gits speelde ik zelfs nog even samen met Luc Van Valckenborgh."

Meespelen in ereklasse

De volleybalcarrière van Stefaan kreeg in het seizoen 2001-2002 plots een verlengstuk bij... Menen, volgende woensdag de tegenstander van Knack.

"Ik dacht aan een flauwe grap toen ik manager Anne Verhelst plots aan de lijn had. Of ik de ploeg niet wou depanneren en tot het einde van het seizoen meetrainen ? Hun toenmalige spelverdeler Mike Sealy (ex-Zorgvliet en ex-Maaseik, red.) had rond Nieuwjaar zijn hand gebroken. Mijn neef Tom Vandecasteele speelde bij Menen en hij had mijn naam laten vallen bij Alain Dardenne, toen ook al de coach. Voor ik het goed besefte, speelde ik in ereklasse. Al moet ik toegeven dat ik toen vooral getraind heb. Als ik het goed heb, moest ik maar één keer opdraven : in een beslissend duel tegen Guibertin. We wonnen met 3-0 en waren ze zeker van de play-offs, maar ik was vooral opgelucht dat Sealy hersteld was." (lacht)

Menen drong daarna nog even aan op een verlengd verblijf en ook eerstenationaler Marke informeerde naar de diensten van de spelverdeler, maar Stefaan bedankte vriendelijk. "Ik had toen al een eigen praktijk. Die combinatie was niet haalbaar en om alles op een profcarrière te zetten was ik niet goed genoeg." Als vervanger voor Sealy - en Vandecappelle - haalt Menen uiteindelijk... Kris Tanghe binnen.

En om de cirkel helemaal rond te maken : ook vader José is blij dat zijn zoon opnieuw in zijn voetsporen treedt. "Naar het voetbal is pa maar weinig komen kijken", besluit Stefaan. "Maar toen hij hoorde dat ik kinesist bij Knack werd, heeft hij zich meteen een abonnement aangeschaft. Hij is nog altijd gek van volleybal. Net als ik..."

(Bron: Matthias Vanderaspoilden - Krant Van West-Vlaanderen editie Roeselare - 07/10/2011)

(Bron: Matthias Vanderaspoilden - Krant Van West-Vlaanderen editie Roeselare - 07/10/2011)